Menu

Kom bij ons koor!

Af­ge­lo­pen week kwam er een man langs voor de col­lec­te van het An­jer­fonds. Ik wist niet meer waar het An­jer­fonds voor was. Hij hielp me en zei dat het voor al­ler­lei cul­tuur­in­stel­lin­gen in ons dorp ging, zoals het man­nen­koor waar hij bij zat. Met­een zei hij er ach­ter­aan: “trou­wens, we kun­nen wel zan­gers ge­brui­ken. Je zou voor ver­jon­ging zor­gen.”

Ik, bij­na vijf­tig jaar oud, zou voor ver­jon­ging zor­gen. Dat zegt veel over de si­tu­a­tie. Hij zei nog meer, maar het kwam al­le­maal hier­op neer: “kom bij ons koor!” Ter­wijl hij me niet eens heeft ho­ren zin­gen.

Ik houd wel van mu­ziek en mijn stem­vast­heid is best goed, maar een (man­nen)­koor is niet de groep en het gen­re dat me aan­spreekt, en dat heb ik hem ook dui­de­lijk ge­maakt. “Denk er nog maar eens over,” zei hij aan het eind. He­laas voor hem ben ik al­lang uit­ge­dacht.

Ui­ter­aard heb ik niets tegen ko­ren. Da­vid stel­de in 1 Kro­nie­ken 25 zelfs een heel zang­koor aan voor de dienst in de tem­pel, die la­ter door Sa­lo­mo ge­bouwd werd. Dat was een ver­nieu­wing, want Mo­zes had voor de ta­ber­na­kel nooit zan­gers aan­ge­steld. God had daar nooit voor­schrif­ten voor ge­ge­ven, maar Da­vid, mu­zi­kant in hart en nie­ren, voeg­de dat er aan toe. Ik acht de kans groot dat het eer­ste deel van de Psal­men hier be­gon­nen is. Wie een koor op­richt moet een re­per­toire heb­ben en on­ge­twij­feld heeft Da­vid zijn ei­gen lie­de­ren als ba­sis en start­punt ge­no­men.

Het zin­gen is ge­ble­ven in de tem­pel­dienst en la­ter in on­ze Chris­te­lij­ke ker­ken. In pro­tes­tant­se en evan­ge­li­sche ge­meen­ten is het luis­te­ren naar een koor ver­van­gen door sa­men­zang. In fei­te is de ge­meen­te één groot koor. Het gro­te voor­deel van sa­men­zang is dat je niet eens goed hoeft te zin­gen. Ie­der­een mag mee­doen, hoe vals het ook klinkt. Graag zelfs. De goe­de zan­gers trek­ken de slech­te­re zan­gers mee, zo­dat de zang niet he­le­maal de soep in loopt. Het mooie is dat God er van ge­niet als je met heel je hart zingt. Een au­di­tie is niet no­dig, oe­fen­a­von­den ook niet, dat scheelt in de voor­be­rei­ding (ui­ter­aard wel voor het mu­ziek­team, daar ver­wach­ten we iets meer kwa­li­teit van). Ge­woon er zijn en mee­zin­gen. Wel­kom bij het koor van God!

En de col­lec­tant? Hij ging weer ver­der en zal on­ge­twij­feld zijn wer­vings­ac­tie bij an­de­ren heb­ben door­ge­zet. Maar ik vrees dat de col­lec­te heeft ge­won­nen van het aan­tal nieu­we re­kru­ten. En ja, aan de col­lec­te heb ik wel een klei­ne bij­dra­ge ge­le­verd. Het zin­gen be­waar ik voor de zon­dag­och­tend.

(Publicatiedatum: 11 juni 2018)

 

Henk van de Weg
Auteur van “De Getrouwen van Ro`eh”